Nieuws

Sociale overdrachten worden meestal omschreven als ‘inkomensoverdrachten aan huis¬houdens tij-dens een inkomstenreferentieperiode, bedoeld om de financiële last te verminde¬ren als gevolg van de vele onvoorspelbare situaties of behoeften, met gebruikmaking van gezamenlijk georganiseerde rege-lingen dan wel via buiten dergelijke regelingen om aan huishoudens verleende diensten door over-heidsorganen of instellingen zonder winstoog¬merk’.[1].

Tot op zekere hoogte zorgen ze daarmee rechtstreeks voor een vorm van armoede¬bestrij¬ding. Deze overdrachten zijn onder andere: familie-gerelateerde uitkeringen, huisvestings¬toeslagen, werkloos-heids¬uitkeringen, pensioenen en sociale bijstand. Ondanks deze diver¬siteit spelen deze overdrachten een belangrijke rol in het terugdringen van de armoede. Bij het vergelijken van het risico van armoede vóór sociale overdrachten in landen van (alle) partners in het project, is duidelijk de invloed te zien op het verminderen van het risico op armoede (tabel 1, grafiek 1). Afhankelijk van het land dalen door de transfers deze cijfers met 5,5% (Roemenië en Italië) tot zelfs 10,4% (Nederland).

Tabel 1. Risico op armoede (percentage), voor en na sociale overdrachten

Land Voor sociale overdrachten Na sociale overdrachten
Totaal Kinderen tot 18 jaar Totaal Kinderen tot 18 jaar
Estland 25,4 27,5 18,5 18,1
Spanje 30,0 38,0 20,4 27,5
Nederland 20,8 23,9 10,4 12,6
Polen 23,0 29,9 17,1 23,2
Roemenie 27,8 40,0 22,3 32,1
Italie 24,6 33,6 19,1 24,8

Bron: Eigen onderzoek, gebaseerd op EUROSTAT, data voor 2013 (http://ec.europa.eu/eurostat/data/database)

Grafiek 1. Vergelijking van indicatoren voor risico op armoede (percentage), voor en na sociale over¬drachten, voor alle gezinnen/huishoudens

 

Bron: Eigen onderzoek, gebaseerd op: EUROSTAT, data voor 2013 (http://ec.europa.eu/eurostat/data/database)

Source:

[1] http://stat.gov.pl/metainformacje/slownik-pojec/definicje-pojec/3202,pojecie.html